Mogelijk gemaakt door Provincie Overijssel

De 5 grootste misverstanden over vrijwilligerswerk

1) Vrijwilligerswerk kost veel tijd

Hoeft niet. Sommige vrijwilligers zijn dagelijks in touw, anderen een paar uur per maand. Je bepaalt zelf hoe vaak je inzetbaar bent. Wie meehelpt met het collecteren voor een goed doel, kan zelfs met twee uurtjes per jaar al een bijdrage leveren. Volgens onderzoek besteden wij Nederlanders meer tijd aan vrijwilligerswerk: ruim een uur per week.

2) Ik kan geen vrijwilligerswerk doen als ik een uitkering heb.

Klopt niet. Zolang je naast het vrijwilligerswerk beschikbaar bent voor een betaalde baan, is er niets aan de hand. Zelfs een onkostenvergoeding van maximaal 150 euro per maand is toegestaan, als je een uitkering hebt. Sterker nog: vrijwilligerswerk kan juist je kansen op een betaalde baan aanzienlijk vergroten!

3) Vrijwilligerswerk levert me niets op.

Een stelling waarmee geen vrijwilliger het eens zal zijn. Vrijwilligerswerk betekent per definitie een fikse dosis nieuwe levenservaring. Ervaring die je zelfs van pas kan komen in je verdere loopbaan. Denk aan het besturen van een organisatie of het helpen organiseren van een groot evenement. En dan hebben we het nog niets eens over het plezier dat je anderen en jezelf met vrijwilligerswerk kunt bezorgen.

4) Er is weinig keus in vrijwilligerswerk.

Deze website bewijst het tegendeel! Er is heel veel te kiezen, want een groot aantal organisaties en verenigingen zit te springen om een extra paar helpende handen. Om die keuze te vergemakkelijken hebben we onder meer een minitest en een zoekprogramma ontwikkeld. Zo vindt u snel het vrijwilligerswerk dat het beste bij u past. 

5) Er zijn steeds minder vrijwilligers.

Fout. Het is een hardnekkig maar begrijpelijk misverstand. In de sport bijvoorbeeld zijn ruim een miljoen vrijwilligers actief, meer dan ooit. Maar de sport is enorm gegroeid, het besturen van een vereniging is ingewikkelder geworden en de leden stellen hogere eisen. Het vraagt om steeds meer mensen die willen meehelpen het verenigingsleven draaiende te houden. Deze ontwikkeling geldt ook voor andere branches.